De laatste wedstrijd van het seizoen eindigde voor de Wageningse rugbyers in mineur. In Zevenaar werd terecht met 49-17 verloren van De Duuvels.
Wageningen speelde ongeïnspireerd en maakte haar tackles niet of nauwelijks. Zevenaar, dat goed gebruikt maakte van haar zware voorwaartsen profiteerde optimaal van de Wageningse day-off. Doordat de paarshemden niet naar voren verdedigden konden de Duuvels met de bal in de hand op snelheid komen. In combinatie met het slechte tacklewerk, onderschatting van de Duuvels en de wetenschap dat er niets te verliezen is, kreeg het seizoenslot een bittere nasmaak.
Op de momenten dat Wageningen wel gebruik maakte van haar snelheid in de lijn was het ook meteen gevaarlijk. De drie gescoorde tries kwamen dan ook tot stand uit snelle breaks. De eerste en tweede helft waren vrijwel identiek. De Duuvels zijn de eerste 20 minuten gevaarlijk met ballen gewonnen uit de scrum of ruck. Deze wordt naar een op snelheid inkomende speler gepassed. De speler wordt half of niet getackeld waarna een eenvoudige scoringskans ontstaat. Na 20 minuten krijgt Wageningen meer grip op de wedstrijd, mede door de betere conditie. Het gemiddelde leeftijdsverschil is dan ook gemiddeld 20 jaar.
Zijn er dan helemaal geen lichtpuntjes te vinden in de wedstrijd? Die zijn er zeker wel. Ten eerste scoorde Pratik als winger zijn eerste try. Ten tweede werd de derde helft wel gewonnen. En tenslotte blijkt maar weer eens dat je met ervaring een hoop conditie kunt compenseren.





